Goud, zilver en brons
Het is zijn oogst van de recente WK voor veteranen in het Engelse Gateshead. Zijn laatste WK, want Siem Herlaar (70) houdt de baanatletiek voor gezien. 'Ik wil op het hoogtepunt stoppen. Nu het er nog prachtig uitziet en ik het allemaal nog kan doen.' Hij voelt er niets voor om, zoals een WK-deelneemster presteerde, wandelend een afstand te volbrengen. 'Dat heeft niets meer met sport te maken.' Zijn nieuwe uitdaging? Terug naar de weg.
'Buitengewoon mooi om al die veteranen in actie te zien. De meesten, ik niet uitgezonderd, zijn behoorlijk fanatiek. Je komt ook lopers tegen van wie je nog nooit hebt gehoord. Dat had ik tijdens de 1500 meter. Staat daar plotseling een Rus die ik niet kende. Kennelijk heeft hij wel veel aan atletiek gedaan, want hij plaatste zich simpel voor de finale. Moet je nagaan: er waren maar liefst 45 inschrijvingen in de categorie zeventigjarigen op deze afstand! De finale ging met twaalf man. De 1500 is mijn beste en mooiste afstand, maar ik heb er hard voor moeten knokken.
Na de start zaten we met z'n drieën bij elkaar: die Rus, een Mexicaan en ik. Met nog driehonderd meter te gaan hoorde ik aan de ademhaling van de andere twee dat ze het moeilijk kregen. Nu of nooit, dacht ik, en versnelde. Ik liep zelfs nog vier seconden uit en vestigde een wereldrecord. Een kabaal op de tribune! De hele Nederlandse kolonie stond op z'n kop. Schitterend. Snotverdikke, wat een prachtige race! Ik heb er ook vol spanning naartoe geleefd. Zilver op de vijf en brons op de tien was natuurlijk mooi, maar de 1500: daar moest het gebeuren.
Ik heb een heel ritueel voor zo'n wedstrijd. Eerst wat wisselbaden en vervolgens anderhalf uur inlopen. Je wordt tenslotte wat ouder, dus het duurt wat langer voor je op temperatuur bent. Ik voelde me ook sterk. Als ik het nu niet kan, lukt het nooit, hield ik mezelf voor. Ik zonder me dan ook helemaal af. Samen met Piet Bleeker, mijn trainer, neem ik de hele wedstrijdtactiek van tevoren door. Zodat ik niet voor verrassingen kom te staan, en beslissingen durf te nemen als het anders verloopt.
De eerste honderd meter moet ik niet te snel gaan, anders verzuur ik op het einde te veel. Die andere twee schoten weg. Die liet ik gaan, maar na driehonderd meter zat ik erbij, gewoon in mijn eigen tempo en lettend op de klok. Ik wist toen al dat ze te veel hadden gegeven. Kijk, iedere mens is in wezen gelijk en reageert op inspanning bijna hetzelfde. Ik ging voor de winst, maar dat wereldrecord speelde ook door mijn hoofd. Dat was toch mijn tweede doel. Na drie ronden verzwakten ze en nam ik de beslissing. Eerder dan gepland, maar ik moest wel, anders miste ik het wereldrecord. Die laatste honderd meter was grandioos.'
Survival
Siem Herlaar werd geboren in Vlaardingen, van waaruit hij als vijftienjarige tijdens de hongerwinter drie keer naar kennissen in Groningen fietste om graan te halen voor zijn hongerende familie. De laatste keer, in februari 1945, vertrok hij met broertje Aad van acht achterop, om bij kennissen de bevrijding af te wachten. 'Wat een survival! Maar je moest. Op een fiets met van die massieve banden. Onderweg aanbellen bij boerderijen voor onderdak. Niet gemakkelijk allemaal, maar ik heb toen wel leren doorzetten.'
Later vond hij een baan bij Hoogovens in IJmuiden. Zwaar en ongezond werk, als cokesbrander. 'Cokes is het basisproduct om erts te kunnen smelten. Het is droog destilleren, de gassen uit de kolen drijven. Niet zo lekker voor je lijf dus. Keihard werken ook, zeker toen. Nu is er veel geautomatiseerd. Ik kreeg vanmorgen nog een felicitatiekaart van oud-collega's. Dan voel ik me dubbel gezegend dat ik dit nog kan doen.
Maar dat felle van de baanatletiek wil ik nu niet meer. Wegwedstrijden blijf ik wel doen. Ook de marathon ga ik weer aanpakken. Ik wil alleen als zeventigjarige nog dolgraag eens onder de vijf minuten op die 1500. Dat probeer ik, nu de vorm er is, binnenkort een keer. Hier in Nederland ben ik bij baanwedstrijden alleen. Er lopen er nog wel wat in mijn categorie, maar die zijn lang niet zo snel. Ik ben bijna altijd de enige.
Zin om bij de jongere veteranen mee te doen, heb ik niet. Dan loop ik een halve baan achter iedereen aan. En ik wil niet als een oud mannetje worden bestempeld. Dan zeggen ze straks: die Herlaar heeft zijn tijd gehad, opa moet maar met zijn kleinkinderen in de duinen gaan wandelen. Meestal verzoek ik de wedstrijdleider om me bij de vrouwen in te delen. Daar kan ik goed meekomen. Maar ik ondervind ook veel respect, vooral van jongeren. Die vinden het prachtig dat ik op deze leeftijd op de baan nog mee kan komen. Bij een wedstrijd in Nieuwegein liep ik nek aan nek met een dame die me net voorbleef. Die was me toch blij na afloop! Ja, zei ze tegen me, anders had ik thuis moeten vertellen dat ik van een vent van zeventig had verloren.
En toch doet het pijn. Elk jaar word je een beetje minder. Daarom ook zegt mijn verstand dat ik met de baan moet stoppen. Dat vindt mijn vrouw ook. Kijk, op zo'n WK heb je het gevecht met leeftijdgenoten. Dat trekt me, dan ben je met gelijken. Maar hier ben ik de enige, dan loop je zo in de picture. Dat is niet leuk.
Maar ik ben dankbaar dat ik het nog kan doen. Gezondheid is geen kennis, maar een zegen. Dan moet je het natuurlijk nog op kunnen brengen. Je vrouw moet erachter staan, een goede trainer is belangrijk, maar een masseur ook. Met mijn trainer Piet Bleeker heb ik het getroffen. Die ken ik al vijftien jaar, we zijn als broers. En mijn masseur Andre van Pel voelt precies waar het wringt.
Vlammen
Vorig jaar ben ik geopereerd aan een liesbreuk. Een kleinigheid, ik was ook weer snel op de been, maar daarna kreeg ik last van mijn knie. Waarschijnlijk door overbelasting. Dat kwam heel ongelukkig uit, want dit jaar zou ik zeventig worden en wilde ik natuurlijk vlammen. Andr‚ heeft me toen uitstekend geholpen en samen met Piet Bleeker echt vanaf het nulpunt weer opgebouwd. Via aquajoggen, zwemmen en fietsen op de hometrainer weer naar anderhalve minuut lopen met een minuut rust. Zo keerde ik langzaam terug op mijn oude niveau.
Ik heb een ijzeren discipline. En ik houd alles heel nauwkeurig bij. Ik bewaar knipsels en startnummers en noteer al mijn trainingen en wedstrijden heel secuur. Ik wil graag lopen en heb er veel plezier in. Sommige mensen begrijpen dat niet. Die denken: wat wil zo'n oude man nou nog? Daar erger ik me wel aan. Je mag als ze ventigjarige kennelijk geen uitdagingen meer hebben in het leven.
Op de weg krijg ik straks te maken met Wil van der Lee. Die is maar een paar maanden jonger dan ik, maar hij is sneller op de weg. Ik weet nog dat ik in Maassluis de Westland Marathon liep als zes tigjarige. In 2.51, een beretijd. Nog nooit was een zestigjarige daar onder de drie uur gefinisht. Hoor ik bij de prijsuitreiking: Wil van der Lee, eerste bij de heren zestig, in 2.44. Ja, als Wil erbij is, kan ik het wel schudden. Maar Wil is een heel sympathiek mannetje.'
De weg. Daarmee keert Herlaar terug naar waar het voor hem, op zijn vijftigste, allemaal begon. Overgewicht en stress dwongen hem in de loopschoenen. Leuk vond hij het aanvankelijk niet, maar na drie jaar liep hij zijn eerste marathon. Toen hij 58 was, haalden loopmaten hem over om eens een wedstrijd op de baan te lopen. Drie dagen na de 21 kilometer van Bergen verscheen hij in Beverwijk op het hem totaal onbekende tartan. Hij knalde er een 1500 meter uit in 4.35. Open monden van verbazing en Herlaar was verkocht. 'Daar was ik goed in, dus dat ging ik doen. Op deze afstand kon ik de sterkste zijn. Op mijn zestigste liep in 4.32.10, een Europees record. Helaas, maar leuk voor hem, verbeterde Ad Heijdens dat record onlangs met twee tienden van een seconde.'
Wat had Herlaar kunnen bereiken als zijn onmiskenbare looptalent eerder tot wasdom was gekomen? 'We hebben vier dochters die dertien jaar aan wedstrijdzwemmen hebben gedaan. Vaak ging ik mee naar wedstrijden. Tot onze jongste, Simone, meer aan haar conditie wilde doen en via een vriendinnetje bij DEM terechtkwam. De ochtend na haar eerste training stond de vrouw van trainer Piet Bleeker op de stoep: of Simone lid mocht worden. Dat werd ze en ze werd Nederlands kampioene op de 800 meter. Maar Simone bleef ook zwemmen en deed ook nog aan waterpolo. Ik ging dus met haar naar al die wedstrijden.
Had ik toen zelf ook getraind, dan had dat allemaal nooit gekund. Ik was er voor het gezin. Ik ben blij dat ik pas op mijn vijftigste ben begonnen. Hoeveel toppers die al op jonge leeftijd zijn begonnen, lopen nu nog? Of ze zijn versleten, geblesseerd of opgebrand, of ze kunnen het mentaal niet meer opbrengen. Een enkeling daargelaten. Nu kan ik de rust nemen die ik nodig heb, en doe ik net zo gemakkelijk een dagje niets. Ja, wat rommelen in de tuin of een stukje wandelen, want ik wil wel bezig zijn. Maar alles mag, niets moet.'
Lees ook over:
Het grote duurvermogen van Manna Kwak
De zware strijd van Ad Heijdens
SIEM HERLAAR
geboren:28 juni 1929
woonplaats:Beverwijk
lengte:1.74 meter
gewicht:66 kilo
AV DEM Beverwijk Piet Bleeker
WERELDRECORDS 70-PLUS
1500 meter: 5.02.78 (1999) 5.23.58 (1999)
3000 meter:10.42.40 (1999)
PERSOONLIJKE RECORDS
10 kilometer baan: 35.03 (1991)
10 kilometer weg: 35.48 (1990)
halve marathon: 1.18.23 (1989)
marathon: 2.51.50 (1990)