Elk half jaar verschijnen nieuwe modellen in de winkel en in de Schoentesten van Runner's World. Maar voldoet de bouw van loopschoenen nog wel aan de geldende wetenschappelijke maatstaven, zeker nu die kennis rap toeneemt? Diverse deskundigen voorzagen onze prangende vragen van antwoorden.
Veel wetenschappelijke kennis wordt vroeg of (meestal) laat in loopschoenen toegepast. Zo toonden de geleerden aan dat het beste dempingssysteem niet in uw loopschoenen zit verstopt, maar in uw eigen lichaam. De talloze buigingen van de gewrichten in voeten, knieën en heupen zijn superieur aan de mogelijkheden van uw schoenen. Daarom wordt zelfs gesproken van ‘de mythe van schokdemping in loopschoenen’.
Bij metingen van de krachten die uw schoenen op de grond uitoefenen, worden keer op keer slechts marginale verschillen gevonden. Ongeacht welke schoenen en zolen worden gebruikt. Het lichaam daarboven past zich steeds aan de ondergrond en het schoeisel aan. Bovendien reageert het lichaam sneller dan het schoeisel, zelfs al voordat u met uw schoenen de grond aanraakt. Dit danken we aan de kunst van het lichaam om de eigen positie, houding en beweging in de fysische ruimte waar te nemen (proprioceptie). We kunnen daardoor vroegtijdig anticiperen op wat komen gaat.
Bij uw individuele gang over deze aardbol past ook een individuele zool. Die vinden is knap lastig. Gezien de harde, ongelijke ondergrond kunt u echter niet zonder, ondanks de wetenschap dat blootsvoets lopen ons van nature beter ligt. Met te veel demping, en vooral te zachte demping, riskeert u blessures. Zo klinkt het relatief nieuwe begrip voorvoetdemping mooi, maar hoeft het dat helemaal niet te zijn. Helaas voelt een schoen met zachte demping in de winkel wel aangenaam aan, wat de aankoop stimuleert...
Zorg dat de zolen in elk geval bij uw voettype en loopstijl passen. De juiste keuze is een kwestie van ervaring, goede én slechte. Ook mag uw lichaam niet worden overbelast, wat u voorkomt met een adequaat trainingsschema en gezond verstand. Helaas is de kwaliteit van tussenzolen die gemaakt zijn van EVA, zeer wisselend. De Belgische deskundige Jean-Pierre Wilssens test met zijn meetapparatuur alle schoenen die zijn winkels in- en uitgaan. Hij keurt telkens zeer veel paren af. Het EVA blijkt vaak niet zo hard als vooraf is beloofd. De levensduur van EVA is ook nog eens tamelijk beperkt.
Nee, helaas bent u er dan nog niet. Sinds ruim twintig jaar weten lopers dat ze proneren en daar is verder helemaal niets mis mee. Nadat u op de hiel bent geland, zet u de rest van de voet neer en zakt de voet in. Zo zorgt het lichaam zelf voor een deel van de schokdemping. De voet kantelt daarbij van buiten naar binnen en de middenvoet (voetboog) zakt iets door. Allemaal prima, als de voet daarna maar weer snel stabiel en recht vooruit kan werken aan de afzet. Het proces waarbij de pronerende middenvoet terechtkomt in een stabiele, vooruitgerichte afzetfase, heet resupinatie, een term die de fabrikanten steeds vaker bezigen. Hiernaast een voorbeeld van de rechtervoet.
Klopt. Het vrij zeldzame supineren houdt in dat de voet, gezien vanuit een neutrale stand, te veel naar de buitenkant overhelt. Bij overpronatie kantelt u juist te veel naar binnen. Vooral dat laatste is een probleem, althans zo werd ons altijd door de betrokkenen in de industrie voorgespiegeld. Daarom worden aan de binnenkant van de schoenen (mediale zijde, ofwel linkerkant rechterschoen of rechterkant linkerschoen) allerlei systemen ingebouwd om overpronatie te voorkomen. Zo kunnen de merken zich bovendien onderscheiden met eigen ‘fantastische’ vondsten, het liefst ook duidelijk zichtbaar. Veel lopers klagen echter over de schoenen die ze, ter voorkoming van overpronatie, kregen aangemeten, terwijl ze uiteindelijk neutrale schoenen nodig bleken te hebben.
Wij hebben in 2001 de ‘uitvinder’ van het concept overpronatie geciteerd, de in Canada werkzame professor Benno Nigg, die zijn theorie zelf op de helling zette. Het probleem was dat de fabrikanten nog niets anders te bieden hadden. Inmiddels kennen we steeds meer modellen die overpronatie te lijf gaan zonder opvallende ingrepen aan de binnenkant van de schoenen. Met name Mizuno is sterk bezig op dit gebied. Nike experimenteert nadrukkelijk op dit terrein, en Asics, Karhu en Pearl Izumi presenteerden in 2006 schoenen zonder de traditionele overpronatiecorrectie, maar wel bedoeld voor mensen die overproneren.
Simon Bartold, bij Asics de ontwikkelaar van de nieuwe Gel Kinsei (foto), stelt onomwonden: ‘We hebben de technologie in huis om niet langer gebruik te hoeven maken van zolen met twee hardheden.’ Die methode, met een hardere component aan de binnenkant van de tussenzool, is de meest gebruikte vorm van overpronatiecorrectie. En dat corrigeren komt in een steeds kwader daglicht te staan. Asics spreekt daarom inmiddels bij sommige modellen in dit segment van structured cushioning, wat meer op dempen slaat dan op corrigeren.
Ten eerste omdat de diverse systemen steeds vaker de voet en dus het lichaam beletten om biomechanisch goed te functioneren. Podotherapeut Waldo Baas legt uit waarom:
‘Veel aandacht die overpronatie ten deel valt, gaat ten koste van het normale proneren. In de voetbeweging vindt een versnelling plaats van de buitenkant, de laterale zijde, naar de mediale zijde. De overgang van deze low gear naar high gear gebeurt over het kopje van het tweede middenvoetsbeentje. Dit is het gewricht waaraan de tweede teen vastzit. Zo kunnen we met het grote-teengewricht druk op de onder-grond laten opbouwen. De grondreactiekracht – actie is immers reactie – onder het grote-teengewricht geeft ons lichaam informatie over onze voetenstand. En zo kan het gewricht met kracht afzetten.
Om een zo efficiënt mogelijke loop te houden, is het dus van belang om het grote-teengewricht die functie niet te onthouden. Wordt de achtervoet door een voorziening tegen overpronatie een meer laterale weg opgestuurd, dan wordt de voorvoet een deel van zijn afwikkelsnelheid onthouden.’
Ten tweede omdat lopers die overproneren, vaak niet weten hoe zij dat doen: in de achter-, midden- of misschien zelfs voorvoet. Zit de correctie op de verkeerde plaats, dan liggen blessures aan knieën, achillespezen en rug op de loer. Bartold: ‘Overpronatie van de middenvoet komt het meeste voor. Het lastigste is echter overpronatie van de voorvoet, want dat druist helemaal in tegen de natuurlijke gang van zaken. De voet kan dan ook niet meer goed afzetten.’
Twee zeer ingenieuze technieken om dat laatste in goede banen te leiden, zijn Space Trusstic (Asics) en Warp (Nike), maar daarvan zegt professor Peter Brüggemann: ‘Deze technieken lijken op papier plausibel, maar we hebben de werking wetenschappelijk niet kunnen vaststellen of bewijzen.’ Schoenen zijn inmiddels vaak zo volgestouwd met technieken dat een verwarrende en potentieel gevaarlijke kluwen van biomechanische bewegingen kan ontstaan.
Ten derde zijn er lang niet zoveel overproneerders als wel is gedacht. Brüggemann zocht in en om zijn Sporthochschule proefkonijnen, maar kon ze ternauwernood vinden. Het aantal modellen in het segment overpronatie neemt de laatste jaren dan ook af. Functioneert een schoen uiteindelijk wél goed, dan belanden de voeten vaak in een luie stoel. De betrokken spieren hoeven minder hard te werken, wat een twijfelachtig voordeel oplevert. Uw lichaam verzwakt immers op die manier.
Klopt! En dat komt door de Nike Free (foto), een conceptuele schoen die de voet veel minder beschermt en veel meer zelf laat werken. Let wel: het is absoluut geen schoen voor de training, maar wel voor de warming-up. Brüggemann bestudeert het niemendalletje al geruime tijd en kwam tot diverse ontdekkingen.
Zo hebben zijn proefkonijnen een spier, de flexor hallucis longus, die 20 procent sterker is geworden. Die spier loopt vanaf het kuitbeen door het enkelgewricht naar de grote teen en werkt mee aan de overpronatiecorrectie en de afzet. Deze zelden onderzochte spier is echter een vrij geringe factor in het geheel, aldus (sport)fysiotherapeut Hans Koning. Brüggemann zag wel een ‘extreme’ verbetering bij het balanceren van zijn proefobjecten op een wiebelige oefentol, maar daar gaat u niet harder van lopen.
Ook een kwestie van puntjes op de i is zijn nieuwe concept van zero-passing, wat verband houdt met het gemiddelde van de krachten die op de lopende voet inwerken. Hoe sneller dat gemiddelde zich door de voet naar voren verplaatst, hoe beter. Brüggemann heeft met zijn studenten gemeten dat die krachten zich in het hielgedeelte van bepaalde schoenen sneller verplaatsten. En zo konden diverse spieren beter en eerder in stelling worden gebracht tegen onder meer overpronatie. Overigens zijn het kleine verschillen, zegt de Duitser, die hooguit voor toplopers interessant zijn.
Dat de schoenenindustrie in een overgangsfase zit, die we lang niet hebben meegemaakt. Ervaren lopers herinneren zich allicht dat in het midden van de jaren tachtig voor het eerst schoenen werden geproduceerd met een correctie aan de binnenkant. Ook tamelijk revolutionair was de introductie van een torsie-element in de zool onder de middenvoet, bijna vijftien jaar geleden. Zo zou de voet natuurlijker kunnen bewegen. Het eerste experiment faalde jammerlijk, maar inmiddels bezit nagenoeg elke schoen een vergelijkbaar systeem.
En nu zitten we midden in een volgende, meer evolutionaire ontwikkeling, die overigens al jarenlang door de schoenenmerken in woorden wordt beleden: ‘We leren veel van de bouw van de voet en willen de schoenen zó maken dat de biomechanica van de voet nauwkeurig wordt nagebootst.’
De meeste fabrikanten weten de daad steeds beter bij het woord te voegen, terwijl wij tegelijkertijd pleiten voor meer specifieke voettraining (maak ze sterker!), zodat de schoenen minder werk hoeven op te knappen. Rest de vraag of een schoen met minder ingebouwde technieken – en dus goedkoper – commercieel interessant is voor de industrie.
--------------------------------------------------------------------------------
Geraadpleegde deskundigen
Waldo Baas, Bussum (Nederland), podotherapeut
Simon Bartold, Adelaide (Australië), internationaal onderzoekscoördinator Asics
Peter Brüggemann, Keulen (Duitsland), hoogleraar Sporthochschule (Instituut voor Biomechanica en Orthopedie), consultant Nike
Hans Koning, Den Haag (Nederland), (sport)fysiotherapeut, medewerker Runner's World
Jean-Pierre Wilssens, Olen (België), ondernemer (Footscan, Runners Service Loopspeciaalzaken), consultant Adidas
[augustus 2006]