Wie dagelijks een trainingsrondje loopt, heeft minder kans op oogkwalen.
Eén op de tien automobilisten ziet eigenlijk niet voldoende om veilig aan het verkeer te kunnen deelnemen. Vooral mensen die al wat ouder zijn, maar nog niet periodiek gekeurd hoeven te worden, lijden relatief vaak aan maculadegeneratie of staar. Bij de eerste aandoening is sprake van degeneratie van het netvlies, bij staar verliest de ooglens haar helderheid. Beide aandoeningen treden sluipend op, waardoor ze vaak pas laat worden bemerkt.
Lopers hebben echter een aanzienlijk kleinere kans op deze visuele handicaps. In de Runners’ Health Study, het grootste hardlooponderzoek ooit, volgde epidemioloog Paul Williams 41.000 lopers gedurende ruim zeven jaar. Mensen die dagelijks gemiddeld negen kilometer of meer aflegden, hadden 35 procent minder kans om staar te ontwikkelen dan degenen die rond de twee kilometer per dag liepen. Het risico op maculadegeneratie werd al bij vier kilometer per dag sterk gereduceerd: met 54 procent.
Indrukwekkende cijfers, maar uit dit soort onderzoek is helaas niet op te maken of de kwalen door het lopen worden voorkomen. Mensen die in staat zijn om vaak en lang te lopen, zijn over het algemeen immers gezonder dan mensen die daar minder zin in hebben.