In het atletiekminnende Finland wordt al meer dan twintig jaar gesmacht naar nieuwe hardloopsuccessen. Het is maar de vraag of de 13-jarige Matti Viren tegen die druk bestand zal blijken.
De Finnen hebben een rijke hardlooptraditie. In de periode voor de Tweede Wereldoorlog deed een contingent Finse hardlopers van zich spreken, en decennialang wisten deze rendieren op alle mondiale atletiektoernooien de midden- en lange afstanden te domineren. Deze generatie uitmuntende hardlopers ging de geschiedenis in als de 'Vliegende Finnen'. De belangrijkste exponent was Paavo Nurmi. Na de Tweede Wereldoorlog kwam een einde aan de Finse suprematie. Toen Matti Nurmi, de zoon van Paavo, zich in de jaren vijftig vertoonde op de atletiekbanen, waren alle ogen onvermijdelijk op hem gericht. De 'plicht' om vergelijkbare prestaties te leveren als zijn vader drukte zwaar op hem. Matti bleek niet meer dan een verdienstelijk middenafstandsloper, en in de publieke opinie waren zijn verrichtingen op de atletiekbaan een grote teleurstelling.
In de jaren zeventig was sprake van een renaissance van het Finse midden- en langeafstandslopen, onder aanvoering van Lasse Viren. Recent werd duidelijk dat ook de zoon van Lasse Viren aan atletiek is gaan doen. Dit nieuws heeft de harten van veel Finnen sneller doen kloppen. Op 20 mei eindigde Matti Viren (13) in 43.05 als vijfde in een wedstrijdloop over tien kilometer. Als zesde finishte vader Lasse, de Olympisch kampioen op de 5000 en 10.000 meter van München (1972) en Monteal (1976).
Hoewel het nog niet duidelijk is of Matti gewoon een fijn dagje uit met zijn vader beleefde, of bezig was met de planning van een topsportcarrière: de Finnen zullen vanaf nu zijn verrichtingen met meer dan gewone belangstelling volgen. Het is voor Matti (Viren) te hopen dat het hem niet hetzelfde vergaat als Matti (Nurmi).
[25-5-2001]
Peter Klooster